Jaarfeesten

Home » Wat maakt ons bijzonder » Jaarfeesten

De belangrijkste jaarfeesten op een rij

Op de vrijeschool zijn jaarfeesten een begrip op zich. Zij horen bij het onderwijs. Omdat de feesten vrijwel altijd samen met de hele school en een deel met ouders worden gevierd, creëren zij ook de saamhorigheid en het gemeenschapsgevoel. Beiden belangrijke aspecten in het vrijeschoolonderwijs. In elke klas is een seizoenstafel te vinden waarop ook de thema’s van deze feesten te zien zijn. De jaarfeesten volgen de seizoenen en gaan zo het jaar rond dat er een verbinding met het schooljaar en met de natuur.

Het Michaelsfeest: 29 september

Michael wordt gezien als brenger van de zonnekracht. Hij zorgt voor sterke gewassen en voor een goede oogst. Voor de mens is hij de helpende hand in strenge winters, hij geeft kracht om door de winter te komen. Maar er is meer: Het Michaelsfeest is het feest van de engel die een draak verslaat. Michael spoort ons aan om onze kracht te gebruiken: We kunnen het kwaad in onszelf en om ons heen leren herkennen, en het bestrijden. Het Michaelsfeest is dus ook het feest van de moed.

Sint-Maarten: 11 november

Sint-Maarten was een ridder, die de helft van zijn warme mantel aan een bedelaar gaf. Hij is door deze daad van menslievendheid het symbool geworden van offerbereidheid en goedheid. Je hart wordt aangesproken als je Sint-Maarten viert. Maar ook is Sint-Maarten een lichtfeest. De kinderen die op 11 november met hun lantarens van uitgeholde knollen langs de deuren gaan, combineren de beide aspecten van dit feest.

Advent: vanaf de vierde zondag voor Kerstmis

De tijd voor Kerst heet de adventstijd; de adventstijd begint vier zondagen voor dat grote feest, en elke zondag wordt er een kaarsje aangestoken van de adventskrans. Deze tijd is de tijd van de verwachting. We leven naar Kerstmis toe en stellen ons open voor dat, wat er uit de hemel naar ons toekomt. Een wat diepere betekenis is dat het licht van de natuur, het uiterlijke licht, in deze tijd afneemt en heel zwak wordt. Je wordt daardoor teruggeworpen op je eigen, innerlijke licht.

Sint-Nicolaas: 5 december

Sint-Nicolaas, bij ons gevierd op 5 december (de eigenlijke datum is 6 december) herinnert aan de bisschop van Myra, die vele goede daden deed, maar wordt ook gezien als heelmaker: iemand die ons leert hoe we één worden met het kind in onszelf. Daarnaast wordt dit feest simpelweg gevierd op de manier die we allemaal kennen: dan is het feest van geven en ontvangen.

Kerstmis: 24, 25 en 26 december

Het feest van kerst vieren we op het moment van de winterzonnewende. De zon is over haar diepste punt heen; vanaf nu wordt het weer lichter.

Driekoningen: 6 januari

Op 6 januari herdenken we dat er drie koningen, of wijzen, uit het Oosten het Christuskind kwamen aanbidden. Zij gaven het Kind goud, wierook en mirre. Deze gaven kun je ook symbolisch zien. Goud staat dan voor inzicht in de goddelijke en geestelijke wereld, wierook voor offerbereidheid en deugd en mirre voor de verbinding van de ziel met het eeuwige, onsterfelijke.

Maria Lichtmis: 2 februari

Maria Lichtmis is het laatste van de lichtfeesten en het feest van het steeds sterker wordende daglicht. Het idee achter dit feest is, dat Moeder Aarde het nieuw geschapen licht opdraagt aan de schepping.

Carnaval: zeven weken voor Pasen

Carnaval was van oudsher een uitbundig feest dat aan de sobere vastentijd voorafging. Op de vrijeschool is het een groots verkleedfeest.

Palmpasen

Palmpasen valt een week voor Pasen, en tijdens dit feest maken de kinderen palmpasenstokken. Tijdens onze palmpasenoptocht draagt ieder kind een eigen “levensboom”, net als in de voorchristelijke lenteoptochten met symbolen van het (nieuwe) leven en de lente: een broodhaan. Hanen kondigen immers de nieuwe dag aan, het nieuwe leven in de lente. Daarnaast is de zon in de paasstok terug te vinden: het rad om de stok heen verbeeldt het zonnerad. De vruchten die we aan de stok hangen zijn verder symbolisch de dragers van het nieuwe levenszaad.

Pasen: de eerste zondag na de eerste volle maan in de lente

Pasen is het feest van de opstanding. Er is verwachting, hoop, ontwikkeling, groei. Kleine kinderen vieren dit feest als het lentefeest in aansluiting aan het nieuwe leven in de natuur.

Pinksteren: vijftig dagen na Pasen

Pinksteren wordt 50 dagen na Pasen gevierd. De naam Pinksteren komt dan ook van het Griekse woord pentékosté dat vijftigste dag betekent. Het feest is sterk verbonden met de bloei en de ontwikkeling van de natuur in dit jaargetijde. Pinksteren is op school een feest van licht, lucht en kleur. De oudste jongen en het oudste meisje uit de kleuterklas vormen een bruidspaar. Dit pinksterbruidspaar symboliseert “het huwelijk” tussen moeder aarde en de zon waardoor het land weer vruchtbaar wordt. De bloemen in de boog en in de kransen van de meisjes zijn zelfgemaakt, van papier. Dit symboliseert het mensenwerk dat nodig is om de wereld een beetje mooier te maken. De kinderen dansen op het schoolplein om de meiboom. De boom heeft veldbloemen in de top en met de kleurige linten maken de kinderen ingewikkelde patronen.

Sint Jan: 24 juni

Sint Jan is het laatste jaarfeest voor de grote vakantie, het valt samen met de zomerzonnewende, vanaf nu worden de dagen weer korter. Het is het feest van de Midzomernacht. Een geweldige overvloed biedt ons de natuur. Ook wij voelen meegenomen in deze bonte, warme wereld. We genieten van alles wat de natuur ons biedt en van elkaar. We vieren het buiten met de vier elementen van de natuur: aarde, lucht, wateren vuur. De kinderen dragen bloemenkransen en gaan picknicken. Ook heel bijzonder: tijdens dit feest springen de 6e klassers over het vuur hun nieuwe leven tegemoet, van basisschool naar middelbaar.